Blog

Door de molen (5 september 2017)

9 augustus 2018 | 2 minuten lezen

Het LUMC gaat grondig te werk (natuurlijk...) Men is benieuwd naar mijn urine-opbrengst per 24 uur. Voor dat doel moet ik drie dagen lang alle urine opvangen en daar krijg ik een vat ('bokaal') voor mee naar huis van drie liter. Dat moet genoeg zijn, beloven ze me. Ik plan dit in het weekend (vrijdag, zaterdag, zondag) in de hoop dat ik het dan rustig heb. Maar dat valt tegen. Op vrijdag heb ik werkafspraken en 's avonds een kookbijeenkomst met achteraf eten. Dat betekent dus dat ik de bokaal moet meenemen. Voor een man is het vullen een fluitje van een cent, voor vrouwen ligt dat een stuk ingewikkelder. Op zaterdag heb ik een groot feest in Wassenaar (waar ik heen fiets), met in de fietstas weer de bokaal. Ter plekke krijg ik de gelegenheid het vullen in de badkamer te doen (gehurkt boven de bokaal). Op zondag bedenk ik me dat ik nog ergens een vrouwenurinaal heb liggen. Als ik die vul is de opbrengst gemakkelijk over te gieten in de verzamelbokaal. Enfin. Die dag heb ik een buurtfeest waar het heel lang erg gezellig is. Het resultaat is wel dat ik na drie dagen drie potjes met monsters van mijn dagopbrengst heb.

Op maandag word ik in het LUMC verwacht voor een aantal onderzoeken en testen. Er wordt weer bloed en urine afgenomen. Ik krijg een CT-scan waarbij het inbrengen van de contrastvloeistof een hele aparte sensatie is. Mijn longen worden gefotografeerd. Ik krijg een zogenaamde mantoux voor het testen op TBC. Vroeger kregen we daar een krasje voor, dit is net zoiets. Men maakt een hartfilmpje van mijn hart, waarbij opvalt hoe laag mijn hartslag is. Ik denk maar dat dit goed is. Tot slot geven ze me een 24-uurs bloeddrukmeter, die de dag en nacht erna elke 15/30 minuten de bloeddruk en hartslag registreert. Deze dag krijg ik ook een gesprek met een maatschappelijk werker en er gaat een wereld voor me open: er is aan alles gedacht. Zelfs aan opvang in een kattenhotel voor mijn drie katjes. Of het aanvragen van thuiszorg bij het WMO-loket van de gemeente Leiden. Ik ben onder de indruk. Ik besluit een en ander voorlopig voor me uit te schuiven tot ik concreet iets moet gaan regelen.

Inmiddels weet ik dat dit sowieso in 2018 gaat zijn (als het allemaal doorgaat). Omdat ik bezig was een reis naar Ethiopië te organiseren, had ik contact met Ruth. Als ik in november geopereerd zou gaan worden, lijkt me een reis in december geen reële optie. Dat vond Ruth ook en ze adviseerde me gewoon maar de reis te boeken. Vandaar dat ik weet dat het dit jaar nog niet gaat gebeuren.

Een dingetje moet ik hier nog kwijt. Twee dagen na deze onderzoeksdag zou ik het bloeddrukapparaat terugbezorgen en werd ik verwacht op de longafdeling voor het uitlezen van de mantoux. Daar was een afspraak voor gemaakt: ik moest om 13.45 uur op longafdeling zijn. Ik was daar op tijd en moest een aardig tijdje wachten. Ik zag ondertussen wel de ongemotiveerde medewerker lopen die de mantoux gezet had (overigens ook na een flinke wachttijd....) maar die had geen enkele aandacht voor me. Na bijna een half uur (wat een geduld he?) meldde ik me bij de receptie dat ik wilde gaan omdat niemand naar mijn mantoux keek. De juffrouw schrok en zei dat ze meteen zou bellen: dit hoorde echt niet. Ze vroeg me daarna om nog even te wachten. Na weer 20 minuten wachten gaf ik het op: ik heb me bij de receptie afgemeld (ze schrok, was ik echt nog niet opgehaald?) omdat ik meer te doen heb. Ik was flink geïrriteerd kan ik wel zeggen. Thuisgekomen maakte ik een foto van de mantoux en stuurde het aan Ruth, met de mededeling dat het aflezen even door haar via de foto moest gebeuren, want ik ga niet meer terug naar de longafdeling. Dat nam ze erg serieus en ze zei dat ze dat ervaring zeker zou gaan delen met het hoofd van die afdeling. Goed zo!